Amfibisch

Beste jeugdgroepers, 

Vandaag wil ik het met jullie hebben over kikkers (hoe leuk is dat). Kikkers zijn namelijk

fascinerende schepsels. In deze blog zal ik je dan ook uitleggen waarom ik deze schepselen zo fascinerend vind.

Kikkers beginnen hun leven als larven en deze larven hebben dan ook veel gemeen met vissen. Kikkerlarven hebben namelijk kieuwen aan de zijkanten van hun kop, waardoor ze onder water adem kunnen halen. Ook hebben deze kikkerlarven een staart die ze gebruiken om te zwemmen. Als de kikkerlarven ouder worden, gebeurt er iets wonderlijks. 

De jonge larven ondergaan een drastische verandering in anatomie, eetpatroon en levensstijl. Het kikkervisje begint langzaam te veranderen, van een water verblijvend diertje, tot een dier dat beter op het land kan leven. Het ontwikkelt longen, verliest zijn staart en krijgt poten. Volwassen kikkers hebben een lichaam waarmee ze zowel in het water als op het land kunnen leven. Een kikker is dus een amfibie. Het woord ‘amfibie’ is afgeleid van het Grieks amphi (wat ‘beide’ betekent) en bios (betekent ‘leven’). Het woord ‘amfibisch’ beschrijft dan ook een natuurlijk bestaan in twee omgevingen, in het geval van de kikker dus een leven in het water als op het land. Iets is dus amfibisch, omdat het zich kan verplaatsen in en aanpassen aan zowel land als water (bijv. legervoertuigen). 

Op dezelfde wijze leefden Jezus en zijn eerste discipelen in twee omgevingen. Zij waren amfibisch. In het begin van Jezus’ bediening koos Jezus twaalf mannen. Marcus 3:14 & 15 vertelt ons waarom Jezus zijn discipelen koos: ‘En Hij stelde er twaalf aan om bij Hem te zijn en om hen uit te zenden om te prediken en macht te hebben om de ziekten te genezen en de demonen uit te drijven’. Jezus wilde namelijk dat de discipelen in staat zouden zijn om in twee werelden te ademen, te leven en te floreren. 

De ene wereld bestaat, laten we het zeggen ‘het water’, dit isde intieme kant van Jezus’ Kerk. Een plek waar gelovigen elkaar bemoedigen en onderwijzen. De andere wereld (land) is de plek buiten onze veilige, gelovige gemeenschap. Het is de wereld waarin wij ons middenin begeven. Het is de wereld waarin wij zijn gezonden. 

Weer even terug naar de kikkers. Deze amfibieën moeten dicht bij het water zijn om te kunnen overleven. De meeste amfibieën regelen namelijk hun lichaamstemperatuur door een gezonde balans tussen hun tijd in het water en hun tijd op het land. Amfibieën zijn namelijk koudbloedig. Zij zijn dus niet in staat om hun eigen lichaamstemperatuur te ontwikkelen. Hun lichaamstemperatuur is afhankelijk van de omgeving waarin zij zijn. Een groot deel van de amfibische levensstijl wordt gekenmerkt door de noodzaak de huid vochtig te houden om te voorkomen dat de lichaamstemperatuur niet te hoog of te laag wordt. Het is dus van belang om regelmatig af te wisselen tussen water en land. 

Als gelovige hoor je beide levens te leiden.  Je kan niet altijd in ‘het water’ blijven zonder de heerlijkheid van Gods koninkrijk te verspreiden. Evenmin kan je altijd op ‘het land’ blijven en je leven leiden zonder dat je wordt bemoedigd en opgebouwd in het water. Te veel tijd in het water of te veel tijd aan het land zal onze temperaturen gevaarlijk en zelf levensbedreigend omlaag brengen. 

Begin je het te zien? Ook wij zijn amfibisch. Hoeveel tijd spendeer jij in het water en hoeveel tijd ben jij kwijt aan land? Ben jij een amfibie die dit in balans heeft? 

Gods zegen! 

Jan-Willem

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *